HEILIGE GERARDUS MAJELLA (1726-1755)

 

Gerardus Majella werd geboren in het bergdorpje Muro Lucano, nabij Napels, als zoon van een kleermaker. Hij had als kind een groot religieus gevoel; over zijn jeugd bestaan veel legenden. Zijn vader stierf toen hij 12 jaar oud was. Om de kost te verdienen, kwam hij in dienst bij een kleermaker; daar werd hij geslagen door de meesterknecht, hetgeen hij volgens de overlevering gelaten toeliet. In 1741 meldde hij zich aan bij de kapucijnen, maar werd geweigerd omdat hij te zwak van gezondheid was. Een jaar later werd hij kamerjongen bij de bisschop van Lacedonia; diens grillige karakter verdroeg hij met berusting.

Na diens overlijden in 1745 pakte hij het kleermakersvak weer op in Muro Lucano. In 1748 bezochten twee redemptoristen dit bergdorpje op een bedeltocht. Gerardus was gegrepen door hun charisma. Maar hij werd niet geschikt gevonden voor het zware kloosterleven. Een jaar later bood hij zich opnieuw aan tijdens een volksmissie van de paters redemptoristen. Hij werd weer afgewezen, maar hij bleef aandringen. Uiteindelijk stuurde de leider van de missie hem naar het klooster van Deliceto met de aanbeveling: “Ik stuur je een zwakke nietsnut, kijk maar of je er wat mee kunt…”

Als lekenbroeder vervulde Gerardus eenvoudig werk. Hij werd bekend om zijn liefdadigheidswerk. De werken van barmhartigheid bracht hij in praktijk. De generaal-overste Alfonsus de Liguori gaf daarna toestemming tot zijn inkleding in 1752. In 1754 werd hij overgeplaatst naar Materdomini.

Gerardus Majella kreeg tijdens zijn leven vele visioenen. Er staan genezingen en broodvermenigvuldigingen op zijn naam. Gerardus overleed 29 jaar jong aan tuberculose.

Broeder Gerardus Majella werd in 1904 heilig verklaard. Hij is de patroonheilige van kleermakers, portiers en zwangere vrouwen.

ZIjn feestdag is op 16 oktober.