H. Johann Nepomucenus Neumann

 
Neumann1
Een man die een gevuld leven heeft gehad. 'De man die niet tot rust kwam' is de titel van een korte levensbeschrijving. Die tweede naam, 'Nepomucene", heeft hij natuurlijk meegekregen uit zijn geboorteland: Bohemen in het huidgige TsjechiŽ.

Johann Neumann is daar op 28 maart 1811 in Prachatitz geboren. In 1823 gaat hij in Budweis aan het gymnasium studeren om priester te worden. Het is volop de tijd van de Verlichting en van het Josefisme: de redelijkheid en de staatsbemoeiing met o.a. de seminaries. Voor heel zijn klas wordt de priesterwijding uitgesteld: de staat meende dat er genoeg priesters waren. Johann hoort dan, dat er in Amerika ook Duitse theologanten worden aangenomen zonder dat zij al priester gewijd zijn. Want er zijn daar na de Napoleontische oorlogen erg veel Duitse immigranten en maar erg weinig priesters. Zijn vader hoort de plannen van zijn zoon aan zonder iets te zeggen. Hij ziet hem niet graag vertrekken. Het seminarie geeft hem niet de nodige papieren voor zijn priesterwijding. Een bisschoppelijk fonds weigert hem de kosten voor zijn reis te betalen. Maar hij vertrekt in stilte, begin 1836, met 200 frank van een welwillende priester.

 

Na een onmogelijke reis komt hij in New York aan. De bisschop daar, die hij had aangeschreven maar wiens antwoord hem niet had bereikt, ontvangt hem hartelijk. "Ik ga je onmiddellijk tot priester wijden." "Maar ik heb geen wijdingsbrieven van mijn eigen bisschop." "Geen bezwaar. Ik heb je nodig." 3 weken na zijn aankomst wordt hij op 25 juni 1836 gewijd. Twee dagen na zijn eerste mis vertrekt hij naar zijn aangewezen werkterrein: de Duitse, Franse en Ierse farmers en houthakkers bij de Niagara watervallen.

 

Te voet of te paard bezoekt hij zijn acht missiestaties, dwars door wouden en moerassen. 400 families zijn de parochianen van Neumann, van wie 300 Duitse. Hij draagt er de H. Mis op, hoort biecht en bezoekt de zieken. Keert hij ziek van de moeraskoorts in zijn hut terug, dan is er niemand die voor zijn eten heeft gezorgd. En de volgende morgen gaat hij weer naar de school om de kinderen over de arme Verlosser van de wereld te spreken, en over de herders van Bethlehem. Zijn broer Wenzel komt uit Prachatitz over, en wordt zijn huisgenoot en katechist. In een brief aan de aartsbisschop kan hij schrijven: 'De goede katholieken, die goddank in iedere gemeente nog de meerderheid vormen, komen spoedig tot een geregeld godsdienstig leven.'

Neumann2Na vier jaar heeft hij een flinke inzinking. Hij gaat naar Rochester om op verhaal te komen en praat daar met zijn landgenoot, de redemptorist Prost. Die zegt hem: wie er alleen voor staat, is te beklagen. Johann, tegenwoordig John, neemt het besluit om in de congregatie van de redemptoristen in te treden. Zijn bisschop ziet hem niet graag vertrekken, maar in november 1840 wordt hij novice, en zijn broer volgt hem als broeder-redemptorist.

 

Als hij op 16 januari 1842 zijn geloften heeft afgelegd, krijgt hij, samen met een confrater, de zorg voor de St. Alfonsus parochie in Baltimore met tien buitenstaties. In de wijze van werken verandert er niet veel. Weer immigrantenzielzorg. In 1844 wordt hij rector in Pittsburg. Ononderbroken werk in de biechtstoel, op de preekstoel, bij retraites en volksmissies. En hij moet een kerk bouwen. Drie jaar later, weer in Baltimore, wordt hij overste over al de redemptoristen die sinds 15 jaar in de Verenigde Staten pionieren. Hij sticht nieuwe kloosters en richt opleidingsinstituten op, maar blijft werkzaam in het pastoraat. Veel uren van de nacht zijn voor gebed. 'De wereld zal eerder door gebed worden bekeerd dan door allerlei activiteiten', schrijft hij.

 

In 1849 komt er eindelijk een echte vice-provinciaal, de Nederlander p. Bernard Hafkenscheid. Neumann wordt zijn raadgever, maar behalve nog steeds pastoor ook prefect van de theologiestudenten en publicist. Hij schrijft artikelen voor een kerkblad; zijn kleine Duitse catechismus bereikt in 50 jaar 38 oplagen; hij schrijft een grote catechismus die 21 drukken beleeft.

 

1 Februari 1852 wordt John Neumann bisschop benoemd. Zeer tegen zijn zin in. Maar hij is nu eenmaal een verstandig man, een goed pastor, een ervaren bouwheer van kerken. Philadelphia is een stad van 400.000 inwoners, van wie 90.000 katholiek. Het heeft een beginnende industrie met de armoede van dien, maar ook met de aantrekkingskracht op de instromende immigranten. Zijn bisdom van toen is nu in 7 bisdommen opgedeeld. Neumann begint met alle parochies van de stad te bezoeken, en vervolgens onderneemt hij visitatiereizen, soms van zeven weken, naar de meest afgelegen plaatsjes van zijn diocees. Hij heeft een vicaris-generaal, maar nůg een priester aan het pastoraat onttrekken om zijn secretaris te worden vindt hij onverantwoord. 'Een Amerikaanse bisschop moet bijna alle werk alleen doen', schrijft hij naar huis.

 

Zijn grootste zorg betreft de scholen. De staatsscholen zijn duidelijk anti-religieus. Dan maar particuliere scholen. In een bisschoppelijke brief schrijft hij: 'Geen parochiekerk zonder parochieschool'. Bij zijn komst in 1852 treft hij twee katholieke scholen aan; bij zijn dood in 1860 zijn er bijna 100 parochiescholen. Hij redt een groepje zwarte onderwijszusters van de ondergang; hij sticht een nieuwe onderwijscongregatie, hij ontfermt zich over vijf Duitse zusters die op eigen initiatief zijn overgekomen; binnen veertig jaar zijn ze uitgegroeid tot 1700 leden in 200 kloosters, ook voor hoger onderwijs.

 

Op 5 januari 1860 is deze 'man die niet tot rust kwam' op straat in Philadelphia ineengestort en overleden, 50 jaar oud. Hij is op 19 juni 1977 te Rome heilig verklaard.

 

Een Engelstalige video van het generaal bestuur over John Neumann.